Federale belastingvoordelen voor tweede woningen verdwijnen: wat betekent dit voor jou?

27/01/2026

De fiscale regels rond vastgoed blijven in beweging. Waar de gewestelijke woonbonus in Vlaanderen voor de eigen woning sinds 2020 al afgeschaft is, verschuift de aandacht nu naar andere onroerende goederen, zoals tweede verblijven en verhuurde woningen.

Met Circulaire 2026/C/2, gepubliceerd begin januari 2026, verduidelijkt de FOD Financiën hoe de federale belastingvoordelen voor deze niet-eigen woningen worden afgebouwd in de personenbelasting vanaf inkomstenjaar 2025 (aanslagjaar 2026).

1) Wat verdwijnt er vanaf aanslagjaar 2026?

Tot en met aanslagjaar 2025 kon je de interesten van een lening voor een niet-eigen woning aftrekken van je belastbaar onroerend inkomen. Vanaf aanslagjaar 2026 verdwijnt deze interestaftrek volledig, zowel voor nieuwe als voor bestaande leningen.

Concreet betekent dit dat de interesten van een lening voor een tweede verblijf of een woning die je verhuurt, niet langer een fiscaal voordeel opleveren.

Daarnaast bevestigt de circulaire dat ook de volgende voordelen niet meer van toepassing zijn:

  • Federale belastingvermindering voor groene leningen
  • Federale belastingvermindering voor bijkomende interesten
  • Federale belastingvermindering voor bouwsparen
  • Federale woonbonus (belastingvermindering voor enige eigen woning)

De interestbonificatie van 1,5 % voor groene leningen blijft wel bestaan.

2) Wat blijft nog wel mogelijk?

Bij onroerende inkomsten kunnen nog enkel de vergoedingen voor erfpacht en opstal worden afgetrokken. Daarnaast kunnen in bepaalde situaties kapitaalaflossingen en bijhorende premies die vroeger onder bouwsparen vielen, nog in aanmerking komen voor de federale belastingvermindering voor het langetermijnsparen.

Let wel:

  • dit hangt af van je persoonlijke situatie,
  • en van andere lopende spaarformules.

Individueel advies blijft daarom essentieel om na te gaan of je nog aanspraak kunt maken op een belastingvoordeel.

3) Wat betekent dit concreet voor je?

Het wegvallen van de interestaftrek voor de niet-eigen woning zal in veel gevallen leiden tot een hogere belastingdruk. De interesten kunnen niet langer in mindering worden gebracht op het belastbaar onroerend inkomen, waardoor er meer personenbelasting verschuldigd is.

Verhuur je een pand? Dan is het extra belangrijk om je huurinkomsten en rendement kritisch te bekijken. Het verdwijnen van het fiscaal voordeel kan een merkbare impact hebben op het nettoresultaat van je vastgoedinvestering.

Ook wie een tweede verblijf aanhoudt voor eigen gebruik, moet rekening houden met een minder gunstige fiscale behandeling.

4) Besluit

De federale vastgoedfiscaliteit wordt duidelijk strenger voor particuliere investeerders. Vanaf aanslagjaar 2026 verdwijnen de interestaftrek en vrijwel alle federale belastingvoordelen voor niet-eigen woningen, ongeacht of de lening nieuw of bestaand is.

Het rendement op vastgoed wordt daardoor minder fiscaal gestuurd en meer afhankelijk van de effectieve inkomsten. In veel gevallen dringt een herziening van de financiële en fiscale planning zich op om onaangename verrassingen in de belastingaangifte te vermijden.

Onze PKF BOFIDI experten staan voor je klaar

Onze experten bekijken graag samen met jou wat deze wijzigingen concreet betekenen voor jouw situatie en hoe je hier het best op inspeelt. Neem gerust contact met ons op. Onze PKF BOFIDI experten helpen je graag verder

Dit artikel werd geschreven door Sofie Andries.


Schrijf je in op onze nieuwsbrief

Ontvang inzichten in je mailbox

Inschrijven